M. Gandhi “De beschaving van een samenleving valt af te meten aan de wijze waarop ze omgaat met dieren”

Plantaardig eten

Foto door: © Ella Olsson

Een veganistische wereld – kan dat?

Hoe zou het zijn als iedereen veganist was? Nu nog een radicaal idee, maar onderzoek suggereert dat in 2050 een groot deel van de wereldbevolking veganistisch eet. De bevolkingsgroei vlakt af rond 9 miljard, en tegelijk komt er ruimte vrij: weilanden voor vee worden overbodig en er is minder noodzaak om steeds verder te bouwen. Voor veel mensen is veganisme geen morele keuze maar een praktische: het milieu. De veehouderij is verantwoordelijk voor ongeveer 14,5% van de wereldwijde broeikasgasuitstoot. Voor 1 kilo rundvlees is gemiddeld zo’n 25 kilo voer nodig en circa 15.000 liter water. De overheid weet dit, maar economische belangen wegen zwaarder. Vleesproductie en export—zoals massale varkenstransporten naar China—zijn onaantastbaar. Achter die cijfers schuilt een harde realiteit van megastallen, transporten en slacht, ver weg van het politieke toneel.

Stel je een wereld voor zonder megastallen, zonder overvolle kippenstallen, zonder transporten met jonge kalveren. Geen vlees meer op het menu, geen gelatine in medicijnen of sigaretten. Het dierenleed daalt drastisch, en tegelijk vermindert de druk op klimaat en milieu.

Maar wat zegt onderzoek?

Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) onderzocht in het rapport Vleesconsumptie en klimaatbeleid (2008) vier dieetscenario’s:

  • geen vlees van herkauwers (zoals runderen en schapen)
  • een “gezond” dieet (Willettdieet, met minder vlees)
  • vegetarisch
  • volledig veganistisch

In alle scenario’s worden dierlijke eiwitten vervangen door plantaardige (zoals peulvruchten en soja). Men ging uit van een wereldwijde overstap tussen 2010 en 2030, met een groei van de wereldbevolking van 6 naar 9 miljard en een verdrievoudiging van het inkomen per persoon.

De conclusie: minder of geen vlees eten levert een aanzienlijke vermindering van broeikasgassen op. Het veganistische scenario komt het dichtst bij het klimaatdoel van maximaal 2 graden opwarming.

Waarom?

  • Minder vlees betekent minder methaanuitstoot, vooral van herkauwers.
  • Er is veel minder landbouwgrond nodig. Voor veevoer wordt nu enorme oppervlakte gebruikt.
  • Volgens het PBL komt circa 2.700 miljoen hectare grasland en 100 miljoen hectare akkerland vrij
    (op een totaal van 5.000 miljoen hectare landbouwgrond).

Dat vrijgekomen land kan CO₂ opnemen, bijvoorbeeld door herbebossing. Hierdoor kan de uitstoot zelfs negatief worden. Dit effect neemt na ongeveer 20 jaar af naarmate bossen volgroeien. Daarnaast neemt de biodiversiteit toe. Gebieden waar nu veevoer groeit, kunnen terugkeren naar natuurlijke ecosystemen. Volgens het PBL kan 20–33% van het verwachte biodiversiteitsverlies in 2050 worden voorkomen door verandering in dieet. Volledig veganistisch eten zou het broeikaseffect in 2050 met ongeveer 20% verminderen. Dat is vergelijkbaar met grote technologische maatregelen zoals zonnepanelen en windenergie. Het is geen volledige oplossing, maar wel een krachtige bijdrage.

Feiten

  • Europeanen eten 35% meer eiwitten dan aanbevolen (World Health Organization), vooral uit vlees.
  • Met de grond voor één vleeseter kun je 30 veganisten voeden.
  • Het risico op hart- en vaatziekten ligt 32% lager bij veganisten.
  • Gemiddelde cholesterol: veganist 133, vegetariër 161, vleeseter 210.
  • Vegan atleten: Carl Lewis, Rich Roll, Patrik Baboumian.
  • Veganisten hebben minder kans op depressie en angst, en vaker een optimistische kijk.
  • Onderzoek van Harvard University toont een verband tussen melkconsumptie en acne.